| UPPER - onderzoek en onderwijs in de farmaceutische praktijk |
|
Wisseling coschapbegeleider openbare apotheek |
|
Steeds meer openbaar apothekers weten het UPPER Stagebureau te vinden om zich aan te melden als coschapbegeleider voor onze masterstudenten, met als doel studenten te enthousiasmeren voor het vak van openbaar apotheker. Voordat een apotheek wordt opgenomen als coschapadres, vindt er een check plaats op een aantal kwaliteitseisen waaraan zowel de apotheek als de apotheker dienen te voldoen.
|
|
|
|
| Vóór het afronden van de acceptatieprocedure levert de aspirant coschapbegeleider gegevens over de apotheek aan. Studenten gebruiken o.a. deze informatie bij het kiezen van een coschapadres. Het is van belang dat deze informatie actueel blijft. Wij vragen coschapbegeleiders vriendelijk om wijzigingen in de apotheekgegevens aan het UPPER Stagebureau door te geven. Dit geldt in het bijzonder bij een wisseling van apotheker. Zo'n moment is bij uitstek ook geschikt om de gegevens opnieuw te controleren en eventueel aan te passen. |
|
Keuzecursus Leren van de patiënt |
Op 20 april zijn we weer gestart met de cursus Leren van de patiënt, waarin ditmaal 23 studenten in 5 groepjes werken aan voorlichtingsmateriaal voor een opdrachtgever. Dit jaar zijn de KNMP, CBG, Apotheek Pillen en Praten, Health Base en het Trimbos Instituut opdrachtgevers. Aan het einde van de cursus leveren de groepjes een concept op waar de opdrachtgevers mee verder kunnen of inspiratie uit kunnen opdoen.
|
|
|
|
Naast dit groepsproject gaan studenten ook weer op bezoek bij een aantal buurtorganisaties, of ze zoeken zelf naar een 'maatje' of activiteit om bij aan te sluiten. Tijdens de bezoeken doen ze mee met de activiteiten en gaan ze in gesprek met bezoekers. Aan het einde van de cursus schrijven ze een reflectie over wat ze hiervan meenemen.
In de nieuwsbrief van september zullen we kort terugblikken op de cursus en de producten die studenten hebben gemaakt. |
|
Gezocht: FTO-groepen die willen deelnemen aan de P4CARE-studie |
De P4CARE-studie onderzoekt of een DNA-medicatiepas huisartsen en apothekers helpt om sneller het juiste geneesmiddel en de juiste dosering te kiezen voor patiënten met een depressie of angststoornis die gaan starten met medicatie. De P4CARE-studie is in 2025 door ZONMW-GGG gehonoreerd met een subsidie van 2,6 miljoen euro.
Inmiddels doen er al 65 FTO-groepen mee, maar er is nog ruimte voor FTO-groepen die willen aansluiten.
|
|
|
|
Wat is het doel? Het doel van de P4CARE-studie is aantonen dat een DNA-medicatiepas leidt tot effectievere behandeling, minder druk op de zorg en lagere kosten.
|
Wat houdt deelname in voor de FTO-groep?
- Includeren van patiënten die starten met een antidepressivum
- Aanvragen van een farmacogenetische test (via Erasmus MC, LUMC, Amsterdam UMC of Maasstad Ziekenhuis)
- Begeleiden van wangslijmvliesafname en opsturen naar het lab
- Interpreteren van de uitslag
- Kiezen van passend geneesmiddel en dosering
- Toelichting tijdens eerste uitgiftegesprek met de patiënt
|
Wanneer starten we? De inclusieperiode loopt van oktober 2026 tot oktober 2028.
|
Heeft u interesse in deelname met uw FTO-groep of wilt u meer informatie?
|
Update project Apotheekspreekuur |
Met dank aan een ZonMw-subsidie is onderzoek naar de implementatie van het apothekersspreekuur in vier gezondheidscentra in Ermelo, Huizen, De Bilt en Zwolle gestart. |
|
|
|
Het project wordt geleid door het Julius Centrum (UMC Utrecht) en ondersteund door UPPER-onderzoeker Thomas Kempen en het Make-It Consortium. De apothekers in dit project hebben in 2025 de opleiding apotheker-behandelaar in de eerstelijnszorg gevolgd.
Uit de eerste resultaten blijkt dat de apotheker een grote variatie aan patiënten ziet met medicatie-gerelateerde problemen op het gebied van o.a. depressie, ADHD, migraine, astma en bij (kwetsbare) ouderen met polyfarmacie. Het afbouwen en stoppen van medicatie is de meest voorkomende actie.
Momenteel wordt het patiënttevredenheidsonderzoek uitgevoerd. Voorlopige onderzoeksresultaten laten zien dat de integratie van een apotheker in de huisartsenpraktijk leidt tot een taakverschuiving van medicatie-gerelateerde consulten, voornamelijk vanuit de huisarts, met werkdrukverlichting tot gevolg. De apotheker neemt niet alleen bestaande taken over, maar adresseert ook zorg die anders onbehandeld zou blijven. Definitieve resultaten worden in mei 2027 verwacht.
Wat vinden patiënten van het apothekersspreekuur? In eerder uitgevoerd en recentelijk gepubliceerd onderzoek van het Julius Centrum (UMC Utrecht) onder leiding van Ankie Hazen in samenwerking met onder andere UPPER en het Nivel, werden groepsdiscussies met patiënten over het apothekersspreekuur gehouden. Dit leverde de volgende inzichten op:
- Patiënten waarderen de diepgaande expertise van de apotheker bij complexe therapieën.
- De proactieve en persoonlijke benadering wordt als een grote meerwaarde ervaren.
- De apotheker in de praktijk wordt gezien als een waardevolle schakel die de huisarts ontlast en de zorgkwaliteit verhoogt.
Benieuwd naar de volledige publicatie?
|
Digoxine: oud, maar niet vergeten Nieuwe inzichten in 2026 |
De afgelopen jaren is de rol van digoxine in de behandeling van hartfalen (HF) opnieuw onder de loep genomen. Recent gepubliceerde studies, zoals DIGIT-HF (2025) en DECISION (2026), tonen aan dat lage doseringen digoxine (0,5–0,9 ng/mL) nog steeds een betekenisvolle rol kunnen spelen in de behandeling van geselecteerde patiënten met HFrEF of HFmrEF, ondanks de afwezigheid van een mortaliteitsvoordeel.
De belangrijkste bevindingen:
- DIGIT-HF (digitoxine): 15% reductie in hartfalen-gerelateerde gebeurtenissen (dood + hospitalisatie) bij patiënten met gevorderd hartfalen (NYHA III–IV), onafhankelijk van nierfunctie (voordeel voor digitoxine bij CKD).
- DECISION: Trend naar vermindering van recidiverende hartfalengebeurtenissen (RR 0,81, p=0,133), met een significant voordeel in de as-treated analyse (RR 0,66, p=0,015).
- Meta-analyse (JAMA 2026): Bevestigt een consistente 15% reductie in morbiditeit (hartfalenhospitalisaties), maar geen effect op mortaliteit.
Voor de praktijk betekent dit dat de rol van digoxine bij hartfalen mogelijk weer prominenter wordt. Met name voor patiënten met persisterende symptomen ondanks optimale Guideline Directed Medical Therapy (GDMT) (inclusief SGLT2-remmers, ARNI, bètablokkers en MRA), is digoxine een mogelijke toevoeging.
Digoxine kan ook een uitkomst zijn wanneer patienten een deel van de GDMT niet verdragen. Streef daarbij wel naar lage serumspiegels (0,5–0,9 ng/mL), omdat hogere doseringen minder gunstig zijn. Wat hierbij lastig is, is dat in de Nederlandse DECISION trial lagere doseringen werden toegepast: 0,1mg i.p.v. 0,125 en 0,2 ipv 0,25 mg.
Eveneens een belangrijke uitkomst van het recente onderzoek is dat je niet zomaar moet stoppen met digoxine. De DECISION-withdrawal-studie toonde namelijk een 7,4 x toename in hartfalengebeurtenissen na stoppen van digoxine.
Concluderend, digoxine is geen mortaliteit verlagende medicatie, maar kan morbiditeit en kwaliteit van leven verbeteren bij geselecteerde patiënten. Lage dosering en monitoring zijn cruciaal.
|
Bronnen:
Bavendiek U, Großhennig A, Schwab J, et al. Digitoxin in Patients with Heart Failure and Reduced Ejection Fraction. N Engl J Med. 2025 Sep 25;393(12):1155-1165. https://doi.org/0.1056/NEJMoa2415471. Epub 2025 Aug 29.
van Veldhuisen, D.J., Rienstra, M., Mosterd, A. et al. Low-dose digoxin in patients with heart failure with reduced or mildly reduced ejection fraction: a randomized controlled trial. Nat Med (2026). https://doi.org/10.1038/s41591-026-04406-6
Damman K, van Veldhuisen DJ, Bauersachs J, et al. Efficacy and Safety of Digitalis Glycosides in Heart Failure: A Meta-Analysis. JAMA. Published online May 10, 2026. https://doi.org/10.1001/jama.2026.7886
van der Meer P, van Veldhuisen DJ, Voordes GHD, Tijssen J, Alings M, Bouvy ML, Swart HP, Houtgraaf HJ, Dorman HGR, Rienstra M, Damman K, Mosterd A. Blinded withdrawal of randomized treatment with low-dose digoxin or placebo in patients with heart failure: the DECISION trial. Eur Heart J. 2026 May. https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehag385. Epub ahead of print
|
|
Perspectives of Older Patients on the Complexity of Medication Use Falke, C.M., Koolen, M.F.J., Timmer S.L., Karapinar-Çarkit, F., Bouvy, M.L., J AM Geriatr Soc. 2026 May;74(5):1255-1264. doi: 10.1111/jgs.70311. Epub 2026 Jan 18.
Dit kwalitatieve onderzoek onder 16 ouderen met polyfarmacie liet zien dat de ervaren complexiteit van medicatiegebruik niet alleen wordt bepaald door het aantal geneesmiddelen, maar vooral door praktische aspecten van het gebruik. Vier thema’s kwamen naar voren: medicatiekenmerken, voorbereiding van toediening, het toedieningsschema en de persoonlijke houding ten opzichte van medicatie en zorg. |
Integration of pharmacy practice research in the Dutch pharmacy education continuum Kempen, T.G.H., Gemmeke, M., Bijlsma, E.Y., Egberts, A.C.G., Philbert, D., Bouvy, M.L., Int J Pharm Pract. 2026 Apr 20:riag053. doi: 10.1093/ijpp/riag053. Online ahead of print.
Dit artikel beschrijft hoe farmaceutisch praktijkonderzoek is ingebed in het bachelor- en masteronderwijs aan de Universiteit Utrecht en in de vervolgopleidingen tot openbaar apotheker en ziekenhuisapotheker. |
| Heeft u de vernieuwde UPPER-website al gezien? Neem hier een kijkje! |
|
|
|